Enrico DE SIMONE - 05/07/2006
Mijn huisbaas heeft mijn huurovereenkomst opgezegd. Ik moet binnenkort uit mijn woning, maar ik heb nog niets anders gevonden. Wat kan ik doen? Als er buitengewone omstandigheden zijn die rechtvaardigen waarom u nog niet kan verhuizen, kunt u om een verlenging vragen. En dit kan zowel als uw huisbaas het contract heeft opgezegd, als wanneer uzelf dat hebt gedaan. Als huurder moet u deze verlenging eerst vragen aan de verhuurder, met een aangetekende brief. Deze brief moet ten laatste toekomen bij de verhuurder een maand voor het einde van de opzeggingstermijn. Als uw huisbaas niet akkoord gaat, kunt u naar de Vrederechter stappen van de plaats waar de woning gelegen is. Let op: als u de verlenging niet eerst tijdig aan de verhuurder hebt gevraagd, gaat dat niet meer. De Vrederechter zal dan oordelen of de omstandigheden ernstig genoeg zijn voor een verlenging. Redenen hiervoor kunnen zijn: de hoge leeftijd van de huurder, ernstige gezondheidsredenen, Een andere reden kan zijn dat de woning die werd aangekocht of gebouwd, nog niet vrij of af is. Maar let op: in al deze gevallen mag deze vertraging niet te wijten zijn aan de huurder zelf. De Vrederechter zal ook kijken naar het belang van de verhuurder om snel over zijn woning te kunnen beschikken. Als deze bij voorbeeld zelf de woning wil of moet betrekken op de voorziene datum, zal de Vrederechter vaak de voorkeur aan de verhuurder geven. Als de Vrederechter een verlenging toestaat, kan die variëren van enkele maanden tot zelfs een jaar of langer. Hij kan tegelijk om redenen van billijkheid aan de verhuurder een verhoging van de huurprijs toestaan. Eenmaal een verlenging gevraagd, kan dat geen tweede keer meer gebeuren, tenzij er nieuwe omstandigheden zijn. Als de Vrederechter vindt dat er geen buitengewone omstandigheden zijn, kunt u als huurder nog altijd om een gewone termijn van respijt vragen. Deze termijn is wel veel korter: we spreken dan over enkele weken tot één à twee maanden. |