Edith FLAMAND - 19/09/2008
Deze bijdrage gaat over de essentie van de Gas-wet vanuit het perspectief van de fundamentele democratische rechten. De gemeenten en steden hebben altijd de bevoegdheid gehad om reglementen te maken, waarin ze inbreuken op de openbare orde, veiligheid en gezondheid strafbaar stelden. Maar de straffen konden niet opgelegd worden zonder tussenkomst van onafhankelijke instanties, namelijk parket en politierechtbank. Meer dan negen jaar geleden werd dit systeem op zijn kop gezet door de wet op de gemeentelijke administratieve sancties, afgekort "Gas"-wet. Kernstukken daarvan waren de invoering van een nieuwe inbreuk, de zogenaamde overlast en de macht van de gemeenten om nu zélf -buiten de rechtbank om- boetes op te leggen voor de inbreuken op de openbare orde, veiligheid en gezondheid en voor de nieuwe "overlastinbreuken". In de bijdrage komen aan bod: de initiële en voortdurende controverse rond de Gas-wet, Gas-boetes en de democratische actievoerder: bezwaren vanuit grondrechterlijk oogpunt, de bedoelingen van de voorstanders van de Gas-wet en de door hen gebruikte drogredenen, administratieve klasse-justitie. U kunt hier de volledige tekst in pdf downloaden. |